Sept'26 Emoties bij AD(H)D

Emoties en gevoelens bij AD(H)D kunnen ingewikkeld zijn
Veel mensen met AD(H)D hebben moeite met het reageren op emoties van anderen, alsook met het uiten van de eigen emoties. Wat ik regelmatig hoor van mijn cliënten met AD(H)D is dat zij, wanneer iemand van wie zij houden verdrietig is, zij er voor ze willen zijn. Ze willen iets doen of zeggen wat helpt, in plaats daarvan gebeurt er iets anders. Ze raken gespannen, hun hoofd slaat op hol. Ze voelen zich verantwoordelijk voor de emoties en gevoelens van de ander, of ze willen het probleem onmiddellijk oplossen, of ze klappen dicht en trekken zich juist helemaal terug.

En achteraf denken ze dan vaak: "Wat maakt dat ik zo reageer?"
Voor mensen met AD(H)D kan omgaan met emoties en gevoelens van anderen én met de eigen emoties en gevoelens, behoorlijk ingewikkeld zijn. Niet omdat er geen empathie is. En ook niet omdat iemand ‘te emotioneel’ of juist ‘ongevoelig’ is. Vaak voelen ze juist meer dan ze kunnen verwerken.

Voordat ik hier verder op in ga, geef ik eerst een uitleg over verschillende termen welke vaak door elkaar gebruikt worden.

Emoties zijn snelle, onbewuste, instinctieve, zichtbare en onzichtbare lichamelijk reacties. Emoties zijn vaak van korte duur, zoals bijvoorbeeld; versnelde hartslag, spierspanning of een brok in de keel. Dit gebeurt direct en onbewust, zonder dat er eerst een gedachte aan te pas komt. Daarnaast kennen we de zintuiglijke waarnemingen (sensaties): Dit is informatieverwerking zonder oordeel, zoals het direct registreren via onze 5 zintuigen:

  • Zien (ogen): Licht, kleuren en vormen.
  • Horen (oren): Geluid en trillingen.
  • Ruiken (neus): Geuren en moleculen in de lucht.
  • Proeven (tong): Smaken.
  • Voelen of Tastzin (huid): Aanraking, druk en textuur.

Gedachten en overtuigingen zijn de mentale beelden, ideeën en woorden in je hoofd. Ze gaan over hoe je een gebeurtenis, situatie, omgeving of persoon beoordeelt, analyseert of interpreteert, ze beïnvloeden direct hoe je je voelt en bepalen het moment dat je hersenen daar een etiket opplakken (zoals "ik voel me bang" of "ik ben verdrietig").

De gedachte of overtuiging, welke wij hebben over een bepaalde gebeurtenis, situatie, persoon of omgeving o.i.d., bepaalt ons gevoel en de daarop volgende reactie in woorden en gedrag wat we vertonen, niet de gebeurtenis, situatie, persoon, omgeving o.i.d. zelf. Deze reactie kan positief of negatief zijn, afhankelijk van hoe we het ervaren. Zo kan iemand blij worden van een compliment of de zon die schijnt, of chagrijnig na kritiek of bij regen.

Gevoelens ontstaan pas wanneer we ons bewust worden van de emoties. Gevoelens zijn de bewust ervaren interpretaties van een emotie. Hierbij spelen onze gedachten, overtuigingen, herinneringen en ervaringen een cruciale rol: Onze hersenen geven betekenis aan de lichamelijke reactie. Omdat elk mens situaties anders interpreteert, kunnen gevoelens onderling sterk verschillen. Gevoelens zoals liefde, vertrouwen en angst zijn diep, subtiel en vaak langdurig aanwezig in ons bewustzijn.

Intuïtie is een plotseling en helder 'innerlijk weten', zonder dat daar logica aan te pas komt en wat we niet kunnen verklaren.

Instinct is een reflex. Het is alles wat je lichaam automatisch en onbewust doet. Je hebt er nauwelijks controle over. Bijvoorbeeld:

  • Je ziet een bus op je afkomen en je springt weg zodat deze je niet raakt.
  • De dokter slaat met een hamertje op je knie en je onderbeen komt automatisch omhoog.
  • Wanneer er bij het douchen water in je oog komt, doe je je ogen dicht.

Mensen met AD(H)D reageren direct op een emotie, voordat ze eerst hebben bedacht waar de emotie vandaan komt en hoe ze hierop mogen reageren of wat ze ermee willen doen. Dit kan dan leiden tot te snelle reacties die achteraf niet passen bij wat ze eigenlijk bedoelden, of wat de ander bedoelde. Zij missen, zoals (veel) mensen zonder AD(H)D wel hebben (en helaas ook niet altijd toepassen), de seconde pauze in het brein, om er van een afstandje naar te kunnen kijken.

  • Ze worden boos, terwijl ze zich eigenlijk gekwetst voelen.
  • Ze gaan uitleggen, terwijl de ander vooral gehoord wil worden.
  • Ze trekken zich terug, terwijl ze eigenlijk behoefte hebben aan verbinding.
  • Of ze zeggen helemaal niets, omdat ze simpelweg niet weten wat ze moeten zeggen.

Vaak denken ze achteraf

  • Wat maakt dat ik hier zo heftig op reageer.
  • Wat maakt dat ik niet weet wat ik moet zeggen als iemand verdrietig, boos of emotioneel is.
  • Ik voel zóveel en toch het lukt me niet om het uit te leggen.

Anderen zien de reactie, ze zien vaak niet wat daaronder ligt.

Een emotionele reactie vertelt niet altijd het hele verhaal

  • Onder boosheid kan bijvoorbeeld verdriet zitten.
  • Onder terugtrekken kan onzekerheid zitten.
  • Onder irritatie kan overprikkeling zitten.

Achter een ogenschijnlijk rationele reactie kan juist een enorme hoeveelheid gevoel schuilgaan.

Omdat het AD(H)D brein, prikkels, gevoelens en reacties op een andere manier verwerkt, kan het omgaan met en uiten van emoties en empathie, m.b.t zichzelf en anderen, behoorlijk ingewikkeld zijn. Bij AD(H)D kunnen impulsiviteit, prikkelgevoeligheid, moeite met zelfinzicht, zelfregulatie en een sterke emotionele intensiteit, ervoor zorgen dat emoties soms sneller en heftiger binnenkomen. Mensen met AD(H)D kunnen dan moeite hebben om deze op een passende manier te verwerken en hier op een fijne manier op te reageren. Zij reageren direct, zonder te overzien wat dit op (de iets langere) termijn voor consequentie of effect kan hebben.

De emoties van een ander (zoals boosheid, verdriet of teleurstelling) kunnen bij iemand met AD(H)D overweldigend binnenkomen

  • Ze voelen de spanning in de ruimte.
  • Ze merken ieder detail op.

De eigen gevoelens kunnen dan meteen omhoog schieten, ze gaan dan vaak in de verdediging of aanval.

Er kan kortsluiting en chaos in het AD(H)D brein ontstaan, waarbij ze het volledig op zichzelf betrekken (egocentrisme)

  • Wat wordt er van mij verwacht.
  • Zouden ze mij verantwoordelijk houden.
  • Wat moet ik zeggen.
  • Moet ik troosten.
  • Moet ik een oplossing zoeken.
  • Ik weet niet hoe ik moet reageren.
  • Mijn intenties zijn goed.

Terwijl ze ondertussen misschien heel veel voelen bij wat de ander vertelt, zijn ze vooral gericht op zichzelf, de eigen gedachten, overtuigingen en aannames. De ander heeft dan vaak het idee niet gehoord of gezien te worden.

Wanneer verschillende prikkels en gedachten tegelijkertijd binnenkomen bij iemand met AD(H)D, kan het vermogen om adequaat te reageren tijdelijk onder druk komen te staan. Dit kan leiden tot terug-trekken, blokkeren, geïrriteerd reageren, een sterke behoefte om het probleem direct op te lossen, of juist helemaal niet meer weten wat te zeggen. Dit betekent niet dat iemand met AD(H)D geen empathie heeft, zij kunnen de gevoelens van een ander juist heel sterk ervaren en tegelijkertijd moeite hebben om deze op een passende manier te verwerken en er op een fijne, adequate manier op te reageren.

Wat te doen

  • Betrek het niet op jezelf, dit gaat over de ander, ook al wordt er misschien naar je gewezen.
  • Blijf bij de ander, schiet niet in je gedachten in je hoofd, doe geen aannames.
  • Ga je niet verdedigen of aanvallen: Houd je eigen mening, oplossing of gedachten voor je.
  • Bewaar je eigen punt tot een ander moment, nu heeft de ander jouw aandacht nodig.
  • Stel vragen, bijvoorbeeld: "Wat doet dit met jou", "wat heb jij nodig", ‘Wat kan ik voor jou betekenen?’

Het uiten van de eigen gevoelens kan ook zeer ingewikkeld zijn voor mensen met AD(H)D

Ze voelen dat er iets aan de hand is, alleen kunnen ze niet direct benoemen wat precies, ze realiseren zich pas later wat iets met ze heeft gedaan. Ze weten dat ze zich geraakt voelen, alleen niet hoe dit komt. Ze proberen uit te leggen wat ze voelen en merken dat woorden tekortschieten, ze voelen vaak van alles tegelijk en kunnen het dan niet onder woorden brengen. Of ze houden het juist (te) lang binnen, tot het moment waarop de spanning zo hoog oploopt dat de emotie er alsnog uitkomt, vaak op een ongelukkig moment en soms veel heftiger dan ze hadden gewild. Ze kunnen bijvoorbeeld boosheid tonen, terwijl daaronder juist verdriet, onzekerheid of teleurstelling zit.

Dit kan binnen relaties voor veel verwarring, spanning, onbegrip en conflicten zorgen.

Ook kan het tegenovergestelde gebeuren                         

Ze voelen vanbinnen enorm veel, terwijl het aan de buitenkant lijkt alsof het ze niets doet.

Dit noemen we incongruentie = Wat je laat zien komt niet overeen met wat je denkt, voelt, zegt en laat zien. Dat kan dan overkomen als afstandelijk of ongeïnteresseerd, terwijl er intern juist veel gebeurt.

Ook dit kan heel verwarrend zijn, voor henzelf alsook voor de mensen om hen heen.

Wat te doen                                                                       

(H)erkenning is een eerste stap

Wanneer je merkt dat emoties regelmatig voor misverstanden, spanning of onzekerheid zorgen, kan het waardevol zijn om hier bewust bij stil te staan. Erken dit en accepteer dat het nodig is om daar iets mee te doen. Het begint met begrijpen wat er precies gebeurt, waar is het begonnen, wat was jouw eigen aandeel daarin. Het gaat erom meer zelfinzicht, balans en zelfvertrouwen te ontwikkelen. En om te leren dat je niet iedere emotie onmiddellijk hoeft op te lossen. Jij en ook de ander mag voelen, zonder direct te hoeven handelen. Je mag je geraakt voelen, zonder verantwoordelijk te zijn voor de emoties van de ander en je mag het bij de ander laten terwijl je medeleven toont in plaats van je te gaan verdedigen, aanvallen o.i.d. We hoeven de ander niet te begrijpen om medeleven te kunnen tonen en verbinding te zoeken. Vragen stellen, zonder oordeel, maakt juist dat de ander zichzelf beter leert begrijpen, zich gehoord en gezien kan voelen.

Emotieregulatie
Het betekent dat je bij jezelf mag leren ontdekken hoe je je gevoelens en gedrag kunt reguleren (= ‘emotieregulatie’, dit is niet hetzelfde als "je emotie onder controle hebben". Emotieregulatie betekent dat je zorgt dat je eerst jezelf begrijpt, voordat je je uitspreekt of handelt. Zodat je niet langer door je emoties hoeft te worden bestuurd en jij de regisseur van jouw leven kunt worden.

  • Wat voel ik eigenlijk.
  • Waar komt dit gevoel vandaan.
  • Wat precies raakt mij zo.
  • Welke prikkels of situaties versterken dit gevoel.
  • Wanneer loopt mijn emotionele spanning op.
  • Wat heb ik nu nodig.
  • Hoe kan ik signalen eerder leren (h)erkennen.
  • Hoe kan ik dit op een begrijpelijke, prettige manier naar anderen communiceren.
  • Hoe kan ik bij de ander blijven, zonder het op mijzelf te betrekken.
  • Hoe kan ik de grenzen van de ander respecteren.
  • Welke woorden kan ik gebruiken om te zeggen wat ik voel.
  • Hoe kan ik op een prettige manier mijn grenzen aangeven.
  • Wat werkt wel.

Wanneer je beter begrijpt hoe jouw AD(H)D en emotieregulatie samenhangen, kan er ruimte ontstaan voor verandering. Niet door jezelf te dwingen om te reageren zoals anderen dat doen, wel door te ontdekken welke strategieën voor jou en jouw omgeving werken. Dit kan betekenen dat je mag leren om eerder een pauze in te lassen tijdens een emotioneel gesprek. Of om het leren herkennen van jouw lichamelijke signalen bij spanning. Of om het vinden van de juiste woorden voor gevoelens, die je lange tijd moeilijk onder woorden kon brengen. Kleine veranderingen kunnen uiteindelijk een groot verschil maken in de relatie met jezelf én met de mensen om je heen.

Inzicht in jezelf geeft ruimte voor verandering